September 19, 2018 admin

Luchtvaartclaims: hoog niveau bescherming passagiers

De EU-Verordening nr. 261/2004 heeft na de arresten Sturgeon (1) en Nelson (2) geleid
tot een gestage stroom claims tegen luchtvaartmaatschappijenin geval van vertraging of
annulering van de geboekte vlucht. De passagier heeft dan recht op een forfaitaire compensatie
(250, 400 of 600 euro), terugbetaling ticketprijs of een andere vlucht, en op verzorging
(eten en drinken, hotelaccommodatie en vervoer daar naartoe).
De jurisprudentie in Nederland laat week na week uitspraken van kantonrechters zien
waarin naast bevoegdheidsincidenten vooral beslissingen worden genomen over het begrip
‘buitengewone omstandigheden’.
De luchtvaartmaatschappijen voeren bij vertraging of annulering van de vlucht meestal het
verweer dat daarvan sprake was en dat zij alle redelijke maatregelen hebben genomen om
de vertraging of annulering te voorkomen.

Sinds het arrest Wallentin (3) is het duidelijk dat de luchtvaartmaatschappij de buiten-
gewone omstandigheid  of omstandigheden moet aantonen: de bewijslast ervan ligt bij haar.
Zelfs als daarvan sprake is geweest, is het pleit nog niet beslecht: de luchtvaartmaatschappij
zal ook de redelijke maatregelen ter voorkoming moeten  kunnen omschrijven (4) eer zij
off the hook is en de vordering van de passagier(s) wordt afgewezen.

In een recent arrest van het Hof van Justitie EU (5) is de Verordening nader ‘uitgelegd’
ten gunste van de passagier.
In geschil was de vraag welke luchtvaartmaatschappij de vlucht uitvoerde (artikel 2 onder b):
was dat TUIfly, de maatschappij waarbij de vlucht was geboekt, of Thomson Airways,
de maatschappij die een van haar toestellen met haar naam op de staart aan TUIfly had
geleased?
Bij de vlucht van Hamburg naar Cancún (Mexico) trad grote vertraging op.
De passagiers spraken Thomson Airways aan en sleepten haar in Hamburg (6) voor de rechter.
De vordering werd toegewezen. In het hoger beroep werd  de prejudiciële vraag gesteld waarop
het Hof in Luxemburg het verlossende (ant)woord gaf:
“de luchtvaartmaatschappij die de vlucht uitvoert” (de definitie van artikel 2 onder b)
is zij die de operationele verantwoordelijkheid draagt: TUIfly dus.

(1) HvJ EU 19 november 2009 ECLI:EU:C:2009:716 Sturgeon
(2) HvJ EU 23 oktober 2012 ECLI:EU:C:2012:657 Nelson
(3) HvJ EU 22 december 2008 ECLI:EU:C:2008:771 Wallentin
(4) HvJ EU 4 mei 2017 ECLI:EU:C:2017:342 Peszkova
(5) HvJ EU 4 juli 2018 ECLI:EU:C:2018:527 Thomson Airways
de overwegingen 18, 19 en 20 van het arrest accentueren het hoge niveau van bescherming
van passagiers: het is de luchtvaartmaatschappij die het traject van de vlucht bepaalt,
de vlucht aanbiedt en de overeenkomst met de passagier(s) sluit die verantwoordelijkheid
voor de uitvoering van de vlucht heeft, eventuele annulering of langdurige vertraging bij aan-
komst daarbij inbegrepen; de passagiers hadden meteen bij TUIfly moeten aankloppen.
(6) HvJ EU 9 juli 2009 ECLI:EU:C:2009:439 Rehder